Warm en droog wandelen in de winter
- door Team Vitabody
-
In de winter is het rustig op de wandelpaden. Het verschil tussen een fijne en een koude tocht zit vooral in je kleding en je schoenen. Met een paar keuzes blijf je warm en droog, ook als het waait of regent.
Kleed je in lagen
Een paar dunne lagen houden beter warm dan één dikke trui. Je kunt dan een laag uittrekken als je het warm krijgt, en weer aantrekken als je even stilstaat.
- Basislaag: thermokleding die direct op je huid zit. Kies een stof die vocht van je huid afvoert, zoals merinowol of een synthetische sportstof. Katoen houdt zweet vast en voelt daardoor snel koud.
- Tussenlaag: een fleece of wollen trui die de warmte vasthoudt.
- Buitenlaag: een jas die wind en regen tegenhoudt en ademend is, zodat je niet nat wordt van je eigen zweet.
Een warme basislaag voor boven en onder vind je bij Thermokleding.
Houd je voeten warm en droog
Natte voeten worden snel koud. Let daarom op drie dingen:
- Schoenen: waterdichte wandelschoenen met een stevige zool en een goed profiel voor modder en gladde paden.
- Sokken: wollen of thermische wandelsokken. Laat katoenen sokken thuis.
- Ruimte: met dikke sokken of een warme inlegzool heb je iets meer ruimte in je schoen nodig. Een te krappe schoen voelt sneller koud.
Bekijk onze schoenen en pas ze met de sokken die je in de winter draagt.
Vergeet je handen en hoofd niet
Je handen, oren en nek koelen snel af als je in de wind loopt. Een muts, handschoenen en een col of nekwarmer nemen weinig ruimte in je tas in. Neem ze altijd mee, ook als het bij vertrek meevalt. Bij Handschoenen en mutsen vind je modellen die warm houden en niet te dik zijn om mee te lopen.
Handschoenen met een touchscreen-vingertop zijn handig als je onderweg je route op je telefoon bekijkt. Dan hoef je ze niet uit te trekken.
Plan je route op het licht
- Het wordt vroeg donker. Kijk vooraf hoe laat de zon ondergaat, en plan je tocht zo dat je voor die tijd terug bent.
- Neem een lampje of hoofdlamp mee, en draag iets met reflectie als je langs de weg loopt.
- Kijk naar het weerbericht. Let op wind, regen en gladheid.
- Vertel iemand welke route je loopt als je alleen op pad gaat.
- Laad je telefoon helemaal op. Kou maakt de accu sneller leeg, dus houd hem in een binnenzak.
Meer spullen voor onderweg staan bij Wandelen.
Wat neem je mee?
- Een extra dunne laag, zoals een fleece;
- Muts, handschoenen en een nekwarmer;
- Een thermosfles met iets warms om te drinken;
- Een lampje of hoofdlamp;
- Je telefoon en een powerbank;
- Droge sokken voor na de wandeling.
Na de wandeling
Haal thuis de inlegzolen uit je schoenen en laat de schoenen op kamertemperatuur drogen. Zijn ze erg nat, prop er dan krantenpapier in en vervang dat na een paar uur. Zet je schoenen niet op de verwarming of bij de kachel. Het materiaal kan dan uitdrogen en scheuren.
Hang ook je jas en je basislaag te drogen voordat je ze opbergt. Dan zijn ze klaar voor de volgende keer.
Tip
Het mag bij vertrek een beetje koud aanvoelen. Na tien minuten lopen ben je opgewarmd. Wie warm vertrekt, gaat vaak al snel zweten, en daarna krijg je het juist koud.
Dit artikel geeft algemene informatie en is geen medisch advies. Heb je klachten, overleg dan met je huisarts of fysiotherapeut.